donderdag 1 november 2012

Zeg nooit: mijn god is kampioen


[Volzin]


Door Marieke van Willigen

CDA's voorzitter Ruth Peetoom nam deze zomer afscheid als domina van de 'Klaaskerk' in Utrecht. Ze maakte de switch van geestelijk voorganger naar politiek leider. Een gesprek over God, spiritualiteit en wortels.



Ze woont in een huis van bezige mensen. Een kinderxylofoon met het stokje er half op, in de hoek van de huiskamer een spinet. In de keuken slingeren kranten en een kindertijdschrift. En achter de keukendeur hangt een planbord waar alle vijf gezinsleden hun activiteiten invullen. Peetoom bestiert samen met haar partner Renee Paas een drukke mini-samenleving.



Uit wat voor nest komt u?


“Mijn ouders waren Gereformeerd. En 'Gereformeerd' is veel praten, debatteren en discussiëren. Mijn vader en moeder waren sociaal betrokken en ruim gelovig. Ze waren bewogen met de maatschappij en hadden een positieve levenshouding. Mijn nest was liefdevol en vrolijk. En dat is een mooie basis in het leven. Ik heb nog een jongere broer en een zus. Mijn broer werkt bij de NS en is raadslid van de PvdA. Hij heeft er bewust voor gekozen om de politiek naast zijn werk doen. Mijn zus is journalist. Die nieuwsgierigheid naar de wereld en die openheid hebben wij meegekregen van thuis. En ook de liefde voor mensen. We geven dit alle drie op een eigen manier vorm. Dat verbindt ons enorm.

We woonden in Veendam en Pekela. Je had er hele lange, rechte kanalen. Fietste ik de 16 kilometer naar school, hoefde ik maar twee keer de bocht om. Oost Groningen is de schoonheid van de leegte. Ik heb er een waanzinnige tijd gehad. Mijn schoonouders komen uit de Veenkoloniën. Als we elkaar weer zien, zeggen ze: “Bist du daar, mien laiverd?” Dat voelt heel warm en dicht bij. Mijn moeder is een domineesdochter. Maar ik had vroeger niet de intentie om dominee te worden. Na mijn eindexamen heb een rondgang gemaakt langs alle studies die met talen en mensen te maken hadden. Ik heb zelfs nog Japans overwogen en modern-Grieks. (lacht) Dat laatste zou op dit moment trouwens nog niet eens zo'n rare keus zijn geweest. Bij de studie theologie kwam alles samen. Bovendien had ik toen al de overtuiging dat geloof belangrijk is in een mensenleven. De manier waarop je tegen dingen aankijkt, heeft alles te maken met je geloof. Dat is een rode draad geworden in mijn leven. En ook in mijn politieke keuze.



Bedoelt u dat 'geloof' in de brede zin belangrijk is, of specifiek het christelijk geloof?



“Ik ben Christen. Ik geloof in de God van Israël. Maar een overtuiging brengt niet met zich mee dat je intolerant en onverdraagzaam bent. Ik wil niemand veroordelen of buitensluiten. Een Christelijke geloofsopvatting is bijvoorbeeld dat je er als mens niet toevallig bent. Je bent gewild en uniek. Het leven is bedoeld voor liefde en het goede. Dat is iets anders dan mensen buitensluiten of ombrengen. Je kan hier nooit gewelddadige consequenties aan verbinden. Dat is voor mij de waarheid. Daar wil ik voor gaan.”



Zendelingen probeerden ook mensen tot de waarheid te bekeren. Het Christendom is daarin van oudsher niet tolerant.



“Als je van iemand houd, ga je ervoor. Als mensen me vragen wat me beweegt, dan zal ik ze dat antwoorden. Ik geloof in de kracht van het vertellen over je eigen drijfveren. Maar je mag nooit met dwang iemand tegemoet treden. Moslims zijn dan ook welkom bij het CDA. We zijn geen getuigenispartij, maar een beginselpartij. Als je onze uitgangspunten maar deelt. Godsdienstvrijheid bij de CDA is heel belangrijk. Maar je moet als gelovige of politieke partij geen pretenties hebben op dat vlak. “Onze God is kampioen” is een hele desastreuze manier van denken. Zo wil ik geen politiek bedrijven. Het gaat erom om dat ik in het leven van hier en nu keuzes maak die aansluiten bij de richting die Jezus wijst. En dat is de richting van naastenliefde, gerechtigheid, streven naar vrede en soms stelling nemen.



Op de kansel in de Nicolaikerk heeft u ooit gewaarschuwd voor de PVV. Waarom?



“Klopt, dat was de preek net na de verkiezingen. Ik zou het nu zo weer doen, al ben ik wars van politiek op de preekstoel. Op dat moment vond ik het opportuun. Ik vond dat ik iets moest zeggen van het uitsluiten van de ander, van mensen met een andere herkomst. Nederland moet historische gastvrijheid en openheid bewaren. Niet anderen verketteren om waar ze vandaan komen of om hun geloof. Ik vind dat predikanten best wat steviger stelling zouden kunnen nemen. Maar dat hoeft niet per se langs partij-politieke lijnen. Kerken hebben een soort verlegenheid om met politieke issues om te gaan. Het riekt naar het wij-zij denken, en daar is de kerk bang voor. Maar de kerk mag opstandig zijn. Nu hebben we een coalitie met de PVV. Het kabinet is een feit. Dat de PVV de Islam een ideologie noemt in plaats van een religie en daarmee de Islam als geloof diskwalificeert, was voor mij een reden om daar op de preekstoel iets over te zeggen.”



Terug naar uw geloofsovertuiging. Lijkt u op Ruth?



“Op 'Ruth' uit de bijbel? 'Ruth' betekent 'Vriendschap'. Dat was in Ruth's leven heel belangrijk. Vooral de vriendschap met God. Voor mij is die vriendschap met God ook essentieel. Dus als je naam je opdracht is, vind ik dat een hele mooie. Het verhaal van Ruth spreekt me zeer aan. Het gaat over trouw en over je eigen grenzen heenstappen. Ik ben blij dat mijn ouders mij naar haar vernoemd hebben.”



Wie is God voor u?



“De grond van mijn bestaan. Liefde, geborgenheid, verbondenheid. Ik voel me geliefd door God. Die liefde is ons als mensen meegegeven. En daarom moeten we onze naasten liefhebben als onszelf. Je moet dus ook van jezelf houden. God is geen persoon, maar wat ik bij God voel, is wel persoonlijk. Ik praat met God onder de douche, op de fiets en in de rij bij de supermarkt. Ik ben een tussendoorbidder. In een klooster heb je dat intensieve ritme van bidden. Heel waardevol en rijk, maar voor mij als tussendoorbidder werkt dat beklemmend. Die tussendoorgebeden zijn korte ontmoetingen met God. Ze zijn bepalend.



Hoe positioneert u zich tegenover God?



Als vriendin. Omdat hij de grond van mijn bestaan is, voel ik verwantschap. Ik ervaar een intens samen-zijn, maak soms zelfs grappen met God. Ik voel diep respect. Ik ben een spiritueel mens. De werkelijkheid is meer dan het platte aardse hier en nu. Daar hoort voor mij ook bij dat ik ontvankelijk ben voor wat er in de wereld aan de hand is. In Groningen begroef ik een meisje dat zelfmoord had gepleegd toen ze acht maanden zwanger was. Ik was zelf net bevallen. Stijf van de hormonen heb ik haar begraven in een eeuwenoud kerkje in de provincie. Toen iedereen weg was, stond ik samen met haar man als soort wachters bij het graf. Het was stil op het kerkhof. We hebben geknield bij haar graf en hebben met onze handen de aarde op haar kist geschept. Toen voelde ik: 'Hier is God.' Hij is er gewoon, in de werkelijkheid van het hier en nu. Ik denk dat je daar als mens ontvankelijk voor moet zijn. God is eeuwig. Dat staat in zo'n contrast met de waan van de dag, die je ook in de politiek ziet. Ik wil die ontvankelijkheid voor God en de eeuwigheid niet verliezen.



Wat is de rol van Jezus in uw geloofsovertuiging?



God is voor mij een aanweziger persoon dan Jezus. Ik vind het mooi aan de drie-eenheid dat God op verschillende manieren de mensen tegemoet treedt. Jezus heeft het leven geleefd zoals God dat voor ogen had. Het ultieme mens-zijn wordt zichtbaar. Hij geeft gezicht aan God. De Heilige Geest is de inspiratie, het enthousiasme en de vonk. In de Klaaskerk hadden we verschillende stola's. Zelf heb ik er ook een aantal. Die van Pinksteren is het mooiste. Hij heeft een grote veelkleurigheid. Tongen van vuur in allerlei kleuren. Zo is de mensheid ook, veelkleurig.



Pakt u ooit uw oude beroep van dominee weer op?



“De rol van partijvoorzitter is een tijdelijke. Ik weet nog niet wat ik daarna ga doen, zover reikt mijn horizon niet. Maar ik ben altijd met hart en ziel dominee geweest, dus het zou maar zo kunnen dat ik dat beroep later weer oppak.

Ik preek nog steeds. Pas nog, in Kampen. Maar het preken is nu anders dan vroeger. De gemeenteleden luisteren anders naar je. Na afloop bij de deur hebben de mensen het alleen nog maar over het CDA, niet over de preek. Dat voelt niet goed. Want ik sta daar niet als voorzitter van het CDA. Ik sta daar als voorganger. Die ervaring maakte me verdrietig, want mijn geloofwaardigheid wordt op een andere manier bekeken. Als ik preek, gaat het mij om de uitleg van de schrift. Die andere benadering van mij als dominee, doet pijn. Dat is de prijs die ik betaal als voorzitter van het CDA.

Niet de enige prijs, trouwens. Ook voor mijn priveleven kost het partijvoorzitterschap wat. Vier avonden per week eet ik niet thuis, en mijn kinderen zijn nog klein. Dus de maaltijd is juist het moment dat je ze ziet. Toch denk ik dat ik mijn werk als voorzitter van het CDA moet doen, nu, op deze plek. Dat het wat kost, hoort bij het leven. Het leven schuurt. Het Christendom erkent dat het leven moeite in zich heeft. En als mens krijg je dingen aangereikt om je weerbaar te maken. Door samen te zijn met anderen en door geluk te delen. Dan kun je samen het donker te lijf.”









Kader 1:



Bio


Ruth Peetoom (44) was van 2006 tot zomer 2011 predikant van de Nicolaïkerk ('Klaaskerk', in de volksmond), een middelgrote PKN-gemeente in het centrum van Utrecht. Vanaf april dit jaar is zij voorzitter van het CDA. Peetoom is getrouwd met Renee Paas, oud-voorzitter van CNV en voormalig CDA-wethouder in Groningen. Hij is momenteel voorzitter van managersvereniging Divosa. Peetoom en Paas hebben samen drie kinderen van 10, 8 en 6 jaar oud. Peetoom is geboren in Breda maar groeide op in Groningen. Ze studeerde Theologie aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Haar eerste baan was die van parttime-predikant in de stad Groningen, die ze combineerde met de functie van Raadslid.



Kader 2

 

Ruth


Het Oud-Testamentische bijbelboekje Ruth vertelt de geschiedenis van de niet-joodse overgrootmoeder van koning David. Nadat haar man was overleden, ging ze met haar schoonmoeder Naomi vanuit het eigen land Moab mee terug naar Israël. Daar trouwde ze met de landheer Boaz en verwierf zich zo als vreemdeling een plek in de Israelische samenleving.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen